Alles over jouw kind op de basisschool

Artikel
Wat leren kinderen bij ... rekenen in groep 5? UPDATE DOOR ZWIJSEN 07-02-2013 Een kijkje in de klas

Een kijkje in de klas

Rekenen is een verplicht vak op school.. Op de meeste basisscholen wordt realistisch rekenonderwijs gegeven. Bij realistisch rekenen starten de kinderen eerst in een herkenbare en betekenisvolle situatie om daarna met behulp van modellen de stap naar de kale rekensom te maken.

Kinderen in groep 5 leren de telrij tot en met 10.000 en rekenen tot en met 1000. Aan bod komen optellen en aftrekken, vermenigvuldigen en delen, meten en meetkunde.

Getallen en bewerkingen

In groep 5 komen de getallen tot 1000 en tot 10.000 aan de orde. Bij het onderdeel getallen leren de kinderen getallen herkennen en plaatsen op de getallenlijn, leren ze tellen met sprongen, maar ze leren ook hoe een getal is opgebouwd en hoe getallen geschreven worden.

Het onderdeel bewerkingen bestaat uit optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen. De kinderen maken sommen tot en met 1000. Ze bouwen daarbij voort op hun kennis over optellen en aftrekken in groep 4. Ook in groep 5 wordt nieuwe leerstof aangeboden in een betekenisvolle en herkenbare situatie. Voor optellen en aftrekken zijn het in het begin vaak sommen met mooie getallen; later krijgen de kinderen te maken met sommen waarbij ze bijvoorbeeld over het tiental en honderdtal gaan.

Aan het eind van groep 5 moeten de kinderen alle tafels t/m 10 uit hun hoofd kennen. Tegelijkertijd krijgen de kinderen de tafels van 12, 15 en 25 aangeboden. Het is de bedoeling dat kinderen zich verder ontwikkelen in het maken van vermenigvuldigingen zoals 6 x 12 = 72 en dat zij leren schatten wat het antwoord ongeveer moet zijn van bijvoorbeeld 3 x € 14,95 (3 x 15 = 45).

Ze leren ook grote getallen delen (720: 3 = 24) en de kinderen maken kennis met delingen waarbij er een rest overblijft.

Er is veel aandacht voor de samenhang tussen delen en vermenigvuldigen, bijvoorbeeld als 5 x 25 = 125 dan is 125 : 5 = 25.

In sommige methodes leren de kinderen onder elkaar optellen en aftrekken. Dit noemen we cijferen. Het vermenigvuldigen en delen op deze manier komt dan in groep 6 aan bod. Vraag op school hoe de methode het optellen en aftrekken aanbiedt.

Hoofdrekenen in groep 5 bestaat meestal uit optellen en aftrekken tot en met 1000. Ook het vermenigvuldigen en het delen staan soms op het programma. Sommige methodes bieden aparte hoofdrekenmomenten aan, in andere methodes staan de hoofdrekensommen tussen de opdrachten.

Tip voor thuis: waar zie je tafelsommen?

Je kind kan tijdens het boodschappen doen zoeken naar tafelsommen. Hoeveel zit er in een pak? Hoveel pakken nemen we mee? Hoeveel hebben we er dan?

4 x ...

Meten

In groep 5 worden de standaardmaten die geleerd zijn in groep 4 verder uitgebreid. Afhankelijk van de methode komen aan de orde de millimeters, decimeters en kilometers en leren de kinderen hoe ze de omtrek en de oppervlakte kunnen bepalen. Ze leren ook de temperatuur aflezen en bedenken wat dat eigenlijk betekent; is het heel warm als het buiten 32 graden is of valt dat wel mee?

Tip voor thuis: hoe warm? hoe koud?

Praat samen over de temperatuur. Hoe warm is het in de kamer? Hoe koud of warm is het buiten? Heb je een buitenthermometer, gebruik deze dan om dagelijks de temperatuur bij te houden.

Verder zijn de diepvries en de koelkast erg geschikt om temperaturen te meten. Op veel verpakkingen van levensmiddelen staat bij welke temperatuur je ze moet bewaren. Klopt dat met de temperatuur in de koelkast of diepvries?

Temperatuur meten

Tijd

Het leren klokkijken gaat verder met waar groep 4 gebleven is. Wat er aan bod komt verschilt van methode tot methode. De kinderen leren bijvoorbeeld wat minuten zijn op de analoge en digitale klok. De kinderen gaan dieper in op de jaarkalender, ze leren de datum bepalen en de volgorde van de maanden.

Tip voor thuis: hoe laat begint dat?

Zoek samen in de tv-gids of de krant naar een programma dat jullie gaan kijken. Hoe laat begint dit programma? Hoe staan de wijzers van de klok dan? En welke (digitale) tijd geeft je telefoon aan?

Hoe laat begint dat?

Geld

De kinderen rekenen met al het muntgeld en briefgeld tot en met 100 euro. Ze leren gepast betalen en geld teruggeven.

Tip voor thuis: hoeveel kost speelgoed eigenlijk?

Blader samen door een (speelgoed)folder. Bekijk de prijzen. Pak je portemonnee en bekijk samen of er voldoende geld in zit om iets te kunnen kopen. Stel, iets kost € 2,- maar je hebt alleen maar muntjes van 50, 20 en 10 cent. Hoe maken jullie dan samen € 2,-? Dit kan natuurlijk ook met grotere bedragen. Geef je kind de ruimte om het eerst zelf uit te zoeken. Help pas als je kind er echt niet uitkomt.

Meetkunde

Bij meetkunde gaat het om het verkennen van de ruimte. In elke jaargroep komen regelmatig dezelfde onderwerpen aan de orde die de ontwikkeling van deze verkenning van de ruimte ondersteunen. Bijvoorbeeld: het leren gebruiken van plattegronden en het kunnen vaststellen wat je wel of niet ziet vanaf een bepaalde plaats. Het leren van verschillende vormen en het maken of afmaken van patronen.

Verder komt aan de orde het bouwen of nabouwen van blokkenbouwsels en leren de kinderen spiegelen en omgaan met de schaduw. In groep 5 leren de kinderen bijvoorbeeld straten zoeken op een plattegrond en routes lopen. Ze leren vormen als de cirkel, het vierkant, de driehoek en de rechthoek benoemen en ze leren bijvoorbeeld een blokkenbouwsel nabouwen met behulp van een bouwplaat. Verder is het afhankelijk van de methode die uw kind gebruikt welke onderwerpen nog meer aangeboden worden.

Kiekeboe!

Tip voor thuis: kijkdoos

Op een regenachtige dag is het zinvol en leuk als je kind een kijkdoos maakt en kijkgaten maakt in alle zijden van de doos. Wat zie je als je via de korte kanten naar binnen kijkt? En wat via de lange kanten? Maak er een spelletje van. Jij staat buiten beeld en zegt wat je ziet. Kan je kind vertellen vanaf welke zijde (de lange of de korte) je in de kijkdoos kijkt? Je kunt ook nog verschil maken door begrippen als de voor- en achterkant of links en rechts van de doos te gebruiken.

Verbanden

Onder verbanden wordt verstaan het lezen en begrijpen van getallen in grafieken of tabellen. Als kinderen een grafiek of een tabel kunnen lezen of zelfs gebruiken, dan passen ze meerdere soorten rekentechnieken toe. Er wordt een verband gelegd tussen de verschillende manieren van rekenen.

Afhankelijk van de methode leren de kinderen in groep 5 hoe ze een staaf- en lijngrafiek en een cirkeldiagram moeten aflezen. De kinderen kunnen een conclusie trekken uit het lezen van de grafiek of het diagram, bijvoorbeeld: De meeste kinderen houden van buiten spelen, het minst aantal kinderen houdt van lange wandeltochten maken. Het zelf invullen van een tabel behoort ook vaak tot de opdrachten.

Tip voor thuis: grafieken in de media

Kom je in een tijdschrift of krant een grafiek of diagram tegen? Bekijk deze dan eens samen aandachtig. Het gaat niet om de inhoud van de grafiek, maar analyseer samen hoe je kunt zien wat het ‘meest’ is en wat het ‘minst’.

(Het verschilt sterk per rekenmethode hoe en wanneer tabellen en grafieken worden aangeboden. Vraag je kind of hij op school al bepaalde grafieken heeft gehad.)

* Er zijn verschillende methodes voor Rekenen. Uitgeverij Zwijsen maakt Wizwijs . Andere methodes zijn Pluspunt en De wereld in getallen van Uitgeverij Malmberg, Alles telt van ThiemeMeulenhoff en Rekenrijk en Reken zeker van Uitgeverij Noordhoff.

Beeld:
Holland in Beeld/Koch
Shutterstock
Nationale Beeldbank/Joke v v
Nationale Beeldbank/Kuiper

Top 5